Wintertijd: Daglicht en vast ritme kunnen helpen wennen aan nieuwe tijd
De klok gaat jaarlijks in het laatste weekend van oktober een uur achteruit naar de wintertijd. Niet iedereen merkt daar iets van, maar sommige mensen kunnen er volgens vitaliteitscoach Annick Adriaansz flink op reageren.
In Herberg Flevoland ontvingen Marco en Aernout Annick om tips te krijgen hoe je je lichaam kan helpen tijdens de overgang naar wintertijd.
Mensen die meer moeite hebben met de overgang kunnen eerder wakker worden, zijn 's avonds vroeger moe of kunnen zich minder goed concentreren. Dat komt doordat onze biologische klok niet direct meespringt met de klok aan de muur. Vooral bij jonge kinderen kan het verschil daardoor goed merkbaar zijn.
Daglicht en regelmaat
Wie sneller wil wennen, kan volgens Annick het beste kort na het opstaan naar buiten gaan. Daglicht helpt de biologische klok om zich aan het nieuwe ritme aan te passen. Wandelen, fietsen of buiten een kop koffie drinken is volgens haar al voldoende, ook bij bewolkt weer.
Een felle lamp in huis is niet hetzelfde: "Je hebt echt dat daglicht nodig." Wie niet naar buiten kan, kan volgens haar een daglichtlamp gebruiken als alternatief.
Ook regelmaat helpt: op vaste tijden opstaan, eten en naar bed gaan. 's Avonds adviseert Adriaansz juist om ongeveer twee uur voor het slapen de verlichting te dimmen, zodat de aanmaak van het slaaphormoon melatonine zo min mogelijk wordt verstoord. Daarmee geef je volgens haar je lichaam een duidelijk signaal: "Het is tijd om af te schakelen. Het is tijd om rustig te worden."