Oud-Paralympiër Jelmar Bos: 'Zichtbaarheid van studerende topsporters moet beter'

LELYSTAD • Za 7 februari 2026 | 8:00 • Zaterdag 7 februari 2026 | 8:00

Studenten die aan topsport doen, zijn relatief onbekend. Ook onder hun medestudenten. Zij verdienen grotere bekendheid op hun school. Dat zegt oud-Paralympiër Jelmar Bos (35) uit Lelystad in het programma Het Gesprek.

Hij pleit daarom voor de oprichting van een Hall of Fame of het ophangen van posters van sporters. Zelf moest Bos destijds op zijn school uitleggen waarom hij tentamens miste. De reden: hij deed mee aan een WK Sprint.

Droom
Voor Jelmar Bos was het meedoen aan de Paralympische Spelen een droom die uitkwam. Hij is nog steeds trots op zijn deelname aan de Paralympische Spelen van 2012 (Londen) en 2016 (Rio).

"Het was een droom die ik al had toen ik nog maar 6 jaar was en naar de Spelen van Atlanta keek. Je zal maar ooit in het stadion achter de Nederlandse vlag binnen lopen in je oranje tenue, dacht ik toen. Dat deed ik dus zestien jaar later. Londen is nog steeds de allermooiste droom die is uitgekomen."

En dit ondanks de tegenslagen, want in Londen ging hij er in de eerste ronde uit. En in Rio kwam Bos tweehonderdste van een seconde te kort voor een finaleplaats. "Dat doet elke dag nog een beetje pijn. Maar de scherpe randjes zijn er wel af."

Bos deed mee aan de Paralympische Spelen vanwege zijn handicap. Hij heeft een vergroeiing aan zijn rug, die is vastgezet. En zijn lijf kent nog meer beperkingen.

Zo'n tien jaar geleden werden de klassen voor handicaps in de sport opnieuw gedefinieerd. "Toen kwam ik in een klasse terecht waarin ze meer dan een seconde harder liepen dan mijn persoonlijk record. Toen wist ik: dit is kansloos. Het is superpijnlijk om zo te moeten eindigen."

"Dit wordt ingewikkeld"

— Jelmar Bos

Toen Bos op topniveau presteerde, was hij ook student journalistiek aan de hogeschool Windesheim: "Dat was ingewikkeld. Na mijn havo zeiden mijn ouders: er is ook na de sport nog een carrière." Dus ging hij studeren in Zwolle.

"In april 2011 werd ik wereldkampioen op de 100 meter sprint bij de junioren. M'n hoofd stond op de Windesheimkrant. Die lag door de hele school. Een week later zat ik bij de examencommissie om uit te leggen waarom ik een tentamenweek had gemist. Toen zei ik: heb je vorige week die krant niet gezien? Ik wist dus al dat het ingewikkeld zou worden. Londen kwam steeds dichterbij. Die combinatie met journalistiek ging niet. Dus ging ik vol voor mijn sportcarrière."

Topsporters onbekend
Bos heeft nu van de nood een deugd gemaakt. Hij wil afstuderen op het thema van de topsport in combinatie met een schoolcarrière. "Mijn afstudeeronderzoek gaat over de vraag hoe de zichtbaarheid van topsporters op school beter kan."

Tegenwoordig is er een verdrag tussen de hogescholen en NOC*NSF. En op hogescholen lopen nu topsportcoördinatoren rond. "Alles met als doel dat de topsporters van nu niet bij een examencommissie hoeven uit te leggen waarom ze een tentamenweek hebben gemist." Toch zijn de sporters volgens hem nog steeds relatief onbekend op hun school, vandaar het idee voor bijvoorbeeld het ophangen van posters in een Hall of Fame.

Inmiddels zijn de Olympische Winterspelen in Milaan begonnen. Jelmar is met zijn familie een week naar Italië om schaats- en shortrackwedstrijden te volgen, net als twintig jaar geleden in Turijn.

WhatsApp ons!
Heb jij een tip of verbetering? Stuur de redactie van Omroep Flevoland een bericht op 0320 28 5050 of stuur een mail: rtv@omroepflevoland.nl!

Deel artikel