Voorvechter Urker Taol: 'Taal moet veranderen om levend te blijven'

URK • Za 14 februari 2026 | 8:00 • Zaterdag 14 februari 2026 | 8:00

"Ik moest het maar een keertje doen." Dat dacht Urker Klaas Johannes Romkes toen hem werd gevraagd of hij de erepenning van de gemeente in ontvangst wilde nemen. Romkes zet zich al tientallen jaren in voor de Urker taal.

Hij moest wel even nadenken over die erepenning. "Het zegt me helemaal niks eerlijk gezegd. Maar ik heb altijd mensen om me heen gehad die ook met de Urker taal bezig zijn. En die penning straalt ook op hen af."

Trots is de voorzitter van de Stichting Urker Taol niet. "Wel blij voor de mensen die met me samenwerken."

Romkes steekt heel veel tijd en energie in de Urker taal. Het begon met een leraar Duits op de middelbare school. "Hij bracht me de liefde voor de grammatica van het Duits bij. Toen begon ik het te vergelijken met het Urkers, het Nederlands en het Engels. Dan zie je verbanden tussen talen. En talen zijn gewoon leuk. En om je dan ergens in vast te bijten kun je het beste het Urkers nemen, want dat heb je naast de deur. Zo is het begonnen en dat is nooit meer opgehouden."

Soepel dialect
Het Urkers heeft veel meer last van invloeden van buiten dan het ooit gehad heeft, vertelt Romkes. "Dat is niet alleen het Nederlands, maar ook het Engels. Urkers is een vrij soepel dialect dat makkelijk en gauw een leenwoord opneemt. Dat is wel eens een beetje jammer. Want dan heb je grote kans dat het dialect verwatert tot een regiolect; een soort Nederlands met hier en daar een Urker slag erdoorheen."

Welk Urker woord vindt Romkes het mooist? Een rare vraag, vindt hij. "Ik vind alle Urker woord mooi." De context is veel belangrijker dan het woord zelf, vindt Romkes. Hij noemt twee Urker woorden die hij prachtig vindt: bèbe en bessien. "Die woorden raakten in mijn jeugd, de jaren 50 en 60, helemaal weg. Er werd geen bèbe en bessien meer gezegd. Het was allemaal opa en opoe. Op een gegeven ogenblik, in de jaren 70, 80, kwamen die woorden weer terug. Dat vond ik toch wel erg leuk."

Romkes benadrukt dat een taal of dialect altijd verandert. "Als je dat niet wilt, dan wordt het een dood dialect. Zolang een dialect verandert, leeft het nog."

WhatsApp ons!
Heb jij een tip of verbetering? Stuur de redactie van Omroep Flevoland een bericht op 0320 28 5050 of stuur een mail: rtv@omroepflevoland.nl!

Deel artikel